Zaak omschrijving:

1988 kwam ik terecht bij de UT via een advertentie in Intermediair. Mijn overeenkomst met TDM/ICT bleek later geforceerd wegens een gebrek aan Nederlandse sollicitanten. Men accepteerde mij in dienst te nemen met een achterliggende gedachte dat ik zou een collega bijstaan in de opbouw van zijn "loopbaan".

Opdracht :

Ontwikkelen van een proces voor een smart sensor (geïntegreerde hoekopnemer). Een vervolg van een promotie onderzoek van Dr.Eijkel (hoekopnemer sensor). Juli 1988 - Juli 1990.

Superieur:

Pr.Fluitman, officieel chef en voorzitter van de vakgroep TDM (sensor onderzoek).

Pr.Wallinga (in het begin als waarnemer bij evaluatie gesprekken, daarna als chef). Voorzitter van de vakgroep ICE (microelectronica).

De Heer K.Lodder UHD magnetische onderzoek.

De omstreden onregelmatigheden:

Foutieve opdracht:

Een Japanse publicatie "Integrated magnetic sensor" was de inleiding voor de "vakgroepen" TDM/ICE met een project geïntegreerde hoekopnemer te starten, gefinancierd met het eerste geld stroom. Met het oog dat de uiteindelijke resultaten van dit onderzoek in de handen van het bedrijf 3T zou belanden. De hoekopnemer is niet eenvoudig te integreren:

-Het lage signaal van de sensor en de nauwkeurigheid van 0.1 graad vereisen een ingewikkelde elektronica.

-De faciliteiten van ICE en TDM waren in die tijd beperkt, m.n. het ontbreken van waterstof gas, problematiek met Aluminium, het ontbreken van een uitgebreide" programmatuur voor CV metingen en IC vriendelijke depositie apparatuur. Beide processen van de sensor en van CMOS waren nog op de ontwikkeling fase om het avontuur van smart sensor te starten. Verder, de beperkte toegankelijkheid tot de vakgroep apparatuur had mijn taak erg gecompliceerd.

-De wetenschappelijke commissie van de FOM heeft het project waardeloos gekenmerkt (rapport beschikbaar):

-fysica-indicator 4,8

-wetenschappelijke kwaliteit 4,3

-utilisatie 3,9



Functie misbruik

-Onderzoek middelen waren zeer primitief en kunnen niet tot publicaties leiden. De gebruikte C-t meet techniek was meer voor de patenten onderzoek van ICE geschikt dan voor mijn project.

-Zorgwekkende aantal specialiteiten waarmee ik belast was (magnetisme, IC-technologie, IC-ontwerp, sensor-technologie). Ontwerp van versterker (6 maanden), buiten mijn specialiteit, was een opdracht van Wallinga en echt niet noodzakelijk in mijn onderzoek

-De elementaire voorzieningen waren niet toegankelijk (bv. een computer of een reisje voor een congres).

-De bekende werk intimidaties.

Meningsverschil met TDM:

Het eerste meningsverschil was eigenlijk met de mensen van TDM over de sensor gedeelte. Hun standpunt was duidelijk, u werkt bij ons over een stuk die wij gepatenteerd hebben (octrooi-aanvraag niet verleend), u heeft een werkkamer bij ons, maar uw werkzaamheden moeten bij ICE plaatsvinden. Mijn standpunt was, ik ben aangesteld om integratie van uw sensor en elektronica te onderzoeken, daarvoor en gelet op de een continuïteit principe, had ik recht op een minimale en toegankelijke informatie over uw sensor om mijn taken te kunnen verrichten. De aanleiding voor dit meningsverschil was het feit dat ik was aangesteld om voor een derde te publiceren.

Meningsverschil met ICE:

Het tweede meningsverschil was met de mensen van ICE over het elektronische gedeelte. In de eerste maanden van mijn verblijf bij de TU heb ik deze mensen benaderd om te vragen hoe ik aan het werk kan beginnen. Hun standpunt was, U hoort bij TDM vakgroep, en als U iets nodig hebt, vraag het maar aan onze technische staf! . Het was een manier om mijn vrije toegang tot de werkruimte te verhinderen die men mij belooft heeft in de vacature, en om mijn activiteiten te controleren.

Terugkeren (back to) naar Inhoudsopgave (home page)